 |
Mijn overgrootvader, J. Pette Hzn, woonde
in Wormerveer aan het Hennepad en was voor eigen rekening een kleine
grossierderij begonnen. Volgens een krantenartikel uit 1930
grossierde hij in een wonderlijk aantal artikelen, zoals blauwsel,
stijfsel, spek, paardenvlees en cacaopoeder. Uit een gevonden
voorraadinventaris uit 1880 blijkt dat er geen sprake was van spek
en paardenvlees, maar wel van olieboter, kogelblauw en
alicali. |
| |
|
| |
Het verhaal gaat dat zijn oudste zoon Hein
in de keuken van zijn moeder experimenteerde met cacaopoeder en dat
zo, eigenlijk spelenderwijs, de eerste flikjes ontstonden. De vader
zag brood in het maken van chocola in vaste vorm en zo werd naar
verluidt in 1870 de grondslag gelegd voor de Cacao- en
Chocoladefabriek J. Pette Hzn. |
| |
|
 |
De werkelijkheid is echter anders. Jan
Pette was in 1870 nog gewoon pakhuisknecht. Pas in 1872 noemde hij
zich 'grossier', en daarna 'chocoladefabrikant'. In 1905, toen men
aan Hare Majesteit de Koningin verzocht om het predikaat
hofleverancier te mogen voeren, stond in de brief dat "de geboorte
van de aan hunne leiding toevertrouwde zaken dateert uit het jaar
1872". |
| |
|
| |
Om Pette's producten op de markt te kunnen
brengen werd veel gereisd. 's Morgens vroeg vertrok zoon Hein Pette
bijvoorbeeld te voet over Wormer, via de Beemster naar Purmerend en
vervolgens 's avonds weer te voet naar huis. Of met de boot naar
Amsterdam om de dorpen in de omgeving van Amsterdam te bezoeken. Hij
liep dan via Monnickendam naar Volendam en vervolgens via Edam weer
naar huis. |
| |
|
| |
Dat het niet meteen voor de wind ging met
de zaken van Jan Pette Hzn, blijkt uit het feit dat in 1884 de Firma
D. en M. Grootes uit Westzaan, zijn faillissement aanvroeg. Zij
hadden te vorderen "een duizend twee honderd vijf en twintig gulden
en twintig cents voor geleverde goederen". |
| |
|
 |
Het liep allemaal met een sisser af en in
1886 gingen Jan en zijn zoons een Vennootschap onder Firma aan. In
1889 overleed Jan Pette onverwachts en zijn zoons Hein en Diderikus
zette de zaak voort. In 1903 werd deze Vennootschap omgezet in een
N.V. waarin behalve de broers ook werd deelgenomen door C. Verwer
uit Krommenie en W. Kaars Sijpesteijn uit
Heemstede. |
| |
|
| |
Pette was ook aanwezig op verschillende
tentoonstellingen, zoals bij de Amsterdamsche
Banketbakkerscoöperatie in 1912 en de Internationale
Wereldtentoonstelling in Gent in 1913. In 1915 kwam bij Pette een
grote verandering in de leiding. Hein en Dirk traden af als
directeur en hun plaatsen werden in genomen door de zoon van Hein,
J.B. Pette en G.H. Kaars Sijpesteijn. |
| |
|
| |
Ondanks de Eerste Wereldoorlog en
verschillende stakingen ging het goed met de fabriek. Op last van de
regering maakte men onder meer de zogenoemde regeringsrepen. Wel
moest er een verklaring getekend worden dat deze producten
uitsluitend bestemd waren voor verkoop in
Nederland. |
| |
|
 |
In 1929 was er zelfs een "vakantiedag" voor
het gehele personeel en ging men met de Almaar Packet naar Schoorl.
In die tijd had men ongeveer 400 man/vrouw
personeel. |
| |
|
| |
In strijd met de werkelijke
oprichtingsdatum werd in 1930 een groot feest gegeven ter
gelegenheid van het 60-jarig bestaan. Ter gelegenheid van dit feest
bood het personeel glas-in-loodramen aan waarop het bedrijfje van
zestig jaar geleden was afgebeeld en een overzicht van het
gebouwencomplex anno 1930. Jammer genoeg zijn deze ramen bij de
recente restauratie niet teruggekomen in het
gebouw. |
| |
|
|
Gelukkig zijn ze wel bewaard gebleven en
mee verhuisd naar Hoorn, waar ze in de kantine van Van
Melle/Perfetti zijn aangebracht. Ik hoop nog steeds dat t.z.t. men
zal begrijpen dat deze ramen van historische waarde zijn voor
Wormerveer. Het hier afgebeelde raam waarop het eerste fabriekje
staat, was het huis waarin mijn overgrootvader zijn eerste echte
fabriekje begon. |
| |
|
 |
Na de grote bloei begon het steeds slechter
met het bedrijf te gaan. Door de crisistijd was het moeilijk om aan
geld te komen en men maakte de onherstelbare fout om op de
grondstoffen te gaan bezuinigen. Dit kostte veel klanten en hoewel
men de fout herstelde ging het steeds verder berg afwaarts. Ook een
reorganisatie waarbij de gedelegeerd commissaris aftrad en een
nieuwe directeur werd aangesteld en er ook nieuwe aandelen werden
uitgegeven, kon het bedrijf niet meer redden. |
| |
|
| |
Op 25 mei 1937 werd het faillissement
uitgesproken. De Firma Boon nam het bedrijf en ook een groot deel
van het personeel over. Tot midden jaren vijftig werden er nog
producten onder de naam Pette
verkocht. |